Rodi

Ut sal mijn un sorg sijn
Zorgen moet je niet maken maar doen

Column Diana de Boer
Oorlog
Ze is ver in de 80 en oh wat is ze lief. Altijd blij als er iemand komt, dan drogen haar tranen. "Snel koffie zetten, dan blijf je langer toch?" Ik knik. Alhoewel ik zonder koffie ook alle tijd voor haar maak. Alzheimer heeft toegeslagen en haar geest is gewikkeld in mist. Tegenwoordig klaart die mist niet af en toe op, zoals het in het verleden nog wel eens deed. Ze heeft vier maal per dag een zorgmoment, waarvan ik er in de dagdienst drie pak. Ze herinnert zich mijn naam niet altijd, maar weet wie ik ben omdat de tattoo's en een overvloed aan ringen en armbandjes kennelijk beter te onthouden zijn dan een naam. Wat ze niet vergeten is is haar voorliefde voor een borreltje en het gebeurt me meer dan eens dat ik haar compleet verward en flink in de olie van de galerij moet vissen. En jawel, ze heeft kinderen, maar deze zijn beide overbelast. Het is ook niet niks. Het feit dat ze tegenwoordig geen 'filter' meer heeft helpt niet mee. Ze vertelt aan wie er ook maar naar haar wil luisteren over haar verleden en ook dat ze haar man ooit bedroog met... dan bedekt ze haar ogen met de frêle smalle handen en fluistert: "met een NSB'er..." Oepfh.."Lieverd, het is lang geleden, probeer daar maar niet aan te denken". Dit vertelt ze dus ook aan haar kinderen en denkt dat ze naar de hel gaat hiervoor. Verteerd door schuldgevoel.
Dat zijn dingen die ik niet even weg kan poetsen... ik probeer het, maar het is zwaar. Uiteindelijk vind er een uitplaatsing plaats, de rechter komt bij haar thuis, met griffier, haar advocaat, iemand van ouderenzorg, een advocaat van de gemeente en ik. Ik zie er erg tegenop, het is niet mijn eerste uitplaatsing en het is traumatisch voor alle betrokkenen. Ze snapt niet waarom al die mensen in haar huis zijn en grijpt mijn hand, "Wat doen al die mensen hier? Ik moet weg hoor, ik ga een wijntje drinken met mijn man in 't café hiernaast." Ik zucht diep, haar man is al ruim 20 jaar geleden overleden en de rechter heeft aan één zo'n opmerking genoeg. Maar de advocaat van de gemeente besluit er een schepje bovenop te doen. "Uw man is al heel lang dood hoor. Dáárom moet u naar een bejaardentehuis, u kan niet meer voor uzelf zorgen." Nu zie ik blinde paniek in haar ogen en ik heb zin de advocaat een mep op zijn harses te geven. Met een stoel. Na toch nog wat vieren en vijven beslist de rechter dat ze per direct naar een opvanghuis gaat totdat er plaats is in een tehuis. Ze grijpt de bankleuning en houdt mijn hand nog steviger vast. "Zegt u het ze dan! U komt hier toch vaak? Zeg ze maar dat ik best hier kan blijven!" Ik besluit dat ik glashard ga liegen en zeg dat ze alleen even gaat kijken in het bejaardenhuis, misschien vind ze het wel leuk! Niet echt dé oplossing maar de advocaat staat met zijn telefoon in zijn handen en meldt dat als ze nu niet meegaat hij politieassistentie gaat inschakelen. Ik ken mijn pappenheimers ondertussen, dat zal hij zonder mankeren doen... Dus ik jok en ze gaat uiteindelijk kalm mee. Ik ga naar de volgende cliënt en zie dat de zon schijnt. Ik vind dat bijna ongepast, want in mijn hart regent het pijpenstelen...

Artikel geplaatst op dinsdag 12 september 2017 - 13:03



Reacties (2)


Corrie van Oosterhout 14 dagen geleden

Het gaat echt zo. Zo verdrietig .Eens zat ik in een C.R.....wat een verspilde tijd...

Diana 13 dagen geleden

"t is een drama he Corrie, het breekt je hart elke keer weer, went nooit....

Reageer